Sprookje

Heel lang geleden, heel ver weg was er een meisje en men zegt dat ze niet wist of ze bestond, of ze de liefde ooit wel vond. Ze woonde in het verre land voorbij de verste overkant in een paleis zonder naam. Daar keek het meisje uit het raam. Ze was alleen en onbewust, want niemand had haar nog gekust en in de zachte zuidenwind zei ze de woorden van een kind.

Zolang de wind niet verstomt en de stilte nog niet komt die einde maakt aan alle vreemde taal is er geen eind is er geen eind aan dit verhaal.


De wind nam al haar woorden mee over de grote grijze zee en bracht ze naar de overkant van het verre sprookjesland.  Daar was een jongen die op een dag in de wind haar woorden zag: witte vogels in de lucht, moe geworden van hun vlucht. Hij was de eerste die hen ving. Hij had nog een herinnering bewaard aan land ver overzee en daar herkende hij ze mee.

Het meisje keek nog uit haar raam en noemde plotseling zijn naam. Ze was zo lief, zo mooi, zo blond, het was of hij zijn ziel terugvond en of hij als geroepen kwam. Toen ze hem in haar armen nam heeft hij haar mond gekust en was zij eindelijk bewust.

Muziek

Luister mp3 fragment



Tekst: Peter Suijker, Joop van de Gevel 1980, 2007
Muziek: Peter Suijker, 2007

Bezetting:

Raimond Metting, lead vocal
Kinga Bán, backing vocal
Peter Suijker, toetsen
Stein Berg, drums
Richard Krijnen, gitaar
Gertjan Essenstam, bas

Download het hele nummer via iTunes:



>> volgende muziekfragment

 
 

© 2007 OED Music